Wiskundige analyse: macro-economische problemen

Ga naar: navigatie, zoeken

Dit vak behoort tot de minor economie van de bachelor wiskunde. Meer examens zijn beschikbaar op de examenwiki van ekonomika.

Samenvattingen

Klik hier om de samenvattingen te bekijken

Examenvragen

2015-2016

Het vak werd gedoceerd door professor De Graeve.

15 juni, 9u

  • Maximale tijdsduur: 3u
  • Examenvorm: schriftelijk, gesloten boek
  • Zorg ervoor dat bij elke figuur de assen, curves en desgevallend de reden voor verschuiving zijn benoemd.
  • Enkel volgende hulpmiddelen zijn toegelaten: schrijfgerei.

Vraag 1 (7 punten)

De prijs van olie is de afgelopen twee jaar sterk gedaald.

  1. Noem twee factoren die aan de oorzaak liggen van die daling. (1 punt)
  2. Wat zijn de effecten hiervan op de arbeidsmarkt? Beschouw hierbij de prijsverwachtingen als gegeven.
    1. Hoe beïnvloedt deze olieprijsdaling de looneisen van vakbonden? (0,5 punten)
    2. Hoe beïnvloedt deze olieprijsdaling prijszetting door bedrijven? (0,5 punten)
    3. Is er een effect op de evenwichtswerkloosheid? Toon grafisch. (2 punten)
    4. Is er een effect op het natuurlijke outputniveau? Verklaar. (1 punt)
  3. Stel dat de olieprijsdaling permanent is. Toon in een figuur hoe output en prijzen zich aanpassen in het AD-AS model.
    1. Op korte termijn. (1 punt)
    2. Op lange termijn. (1 punt)

Vraag 2 (6 punten)

Beschouw de effecten van een halvering van de spaarquote in het Solow-model met technologische vooruitgang en bevolkingsgroei. Vertrek vanuit een initiële steady state, noem die A.

  1. Toon grafisch de impact op de steady state output per effectieve werknemer Y/(AN). Noem de nieuwe steady state B. (1,5 punten)
  2. Toon in een grafiek hoe het outputniveau evolueert doorheen de tijd (tijd op x-as, output op y-as): in de initiële steady state, tijdens de transitie, en in de nieuwe steady state. (1,5 punten)
  3. Vergelijk de twee steady states A en B: Waar is de consumptie het hoogst? Verklaar. (1,5 punten)
  4. Wat is de golden-rule? Duid aan (op de figuur die je tekende onder deel 1 van de vraag) waar die bereikt wordt (na de halvering van de spaarquote). Noem dit punt c. (1,5 punten)

Vraag 3 (7 punten)

Brexit. Als Groot-Brittannië beslist de EU te verlaten verwachten velen een depreciatie van het pond.

  1. Hoe reageert de Britse economie op een depreciatie? Maak een grafische analyse en toon aan wat het effect is op de volgende grootheden:
    1. Import. (1 punt)
    2. Export. (1 punt)
    3. Handelsbalans (2 punten)
    4. Output (1 punt)
  2. Stel dat de Britse regering de handelsbalans ongewijzigd wil houden ten opzichte van voor de depreciatie, wat kan ze ondernemen? Toon grafisch het effect op de handelsbalans. [Noot: Het Britse pond is en blijft een vlottende wisselkoers.] (2 punten)